De Bergense gemeenteraad heeft gisteravond de Begroting 2018 vastgesteld. Dat gebeurde na een marathonzitting van bijna 9 uur, inclusief een dinerpauze van drie kwartier.

Volgens traditie stemde oppositiepartij KERN als enige tegen de begroting. Als argument voor de tegenstem werd aangevoerd dat de begroting voor 2018 teveel onzekerheden bevat. Het is volgens KERN geen realistische begroting omdat de cijfers nu al zijn achterhaald, en dus zouden moeten worden aangepast. Daardoor is deze begroting niet sluitend, in de wetenschap dat er een extra tekort van 4 ton aan zit te komen.

Portefeillehouder Financiën, burgemeester Pelzer, bestreed dit. Volgens haar is er wel degelijk sprake van een realistische begroting. De onroerendezaakbelasting (ozb) stijgt volgend jaar in de gemeente Bergen met 1,3 procent. Volgens de Gemeente Bergen is dit overigens geen stijging maar een inflatiecorrectie.

De VVD is tegen de verhoging van de ozb met 1,3 procent en vond aanvankelijk ook KERN aan z’n zijde. Geen verhoging van de ozb zou de gemeente een tekort van 30-duizend euro opleveren. Portefeuillehouder Pelzer daagde de VVD uit om dan maar met een dekking voor die 30-duizend euro te komen. Maar die kwam er niet. En dat was voor KERN de reden om de VVD-motie voor nul procent ozb-verhoging niet te steunen.

De ozb-verhoging van 1,3 procent geldt overigens uitsluitend voor burgers. Bedrijven in de gemeente Bergen betalen geen hogere onroerendezaakbelasting. Dat bleek na doorvragen van fractievoorzitter Pekema van de VVD.

Als verklaring hiervoor gaf de portefeuillehouder,
dat de gemeente Bergen in de Top-2 staat van gemeenten met de hoogste ozb voor bedrijven. Daarom is nu besloten om voor bedrijven in de gemeente Bergen geen ozb-verhoging door te voeren.